Handige sites

Hallo daar!

De afgelopen weken ben je haast doodgegooid met informatie. Interviews met mensen uit het beroepenveld en aanvullende informatie van de studie- en loopbaancoach Sabine Alders-du Bosc. Voorlopig zit het bloggen er even op, maar om je toch nog extra van dienst te zijn wil ik je hierbij nog een aantal sites meegeven die jou kunnen helpen met je studiekeuze. Daarnaast wil ik je een aantal tips delen die Joke Langendam, tevens studiecoach, tijdens een interview gaf:

‘Ga kijken wat je echt wilt gaan doen. Ga je oriënteren op internet en kijk ook eens naar vacatures op bijvoorbeeld vacatures.nl. Hier krijg je ook een goed overzicht door wat er allemaal te doen is. Kijk waar je interesses liggen. Diep van binnen weet je wel wat je leuk vindt. En vaak datgene wat je leuk vindt, daar ben je ook goed in.

Is een baan geraakt door de crisis, schijnt er dus weinig werk in te vinden te zijn? Kijk dan waaruit een functie bestaat en ga opzoek naar raakvlakken bij andere beroepen.’ Aldus Joke Langendam.

En hier dan de sites waaruit jij wellicht wat wijzer wordt:

Om te kijken welke banen er allemaal zijn: werksite.nl

Voor als je bent geïnteresseerd om leren en werken te combineren: lerenenwerken.nl

Om bijvoorbeeld een beroepskeuzetest te doen: 123test.nl

Om te zien wat bepaalde beroepen inhouden en welke studies je ervoor volgen kunt: carrieretijger.nl

Heel uitgebreide informatie over alle facetten van leren en/of werken: leren.nl

Ik wens je heel veel succes met het maken van jou keuze en onwijs veel studieplezier!

Willemijn

Advertisements

2B DJ

Dat DJ een beroep is kon Bart Thimbles zich vroeger niet voorstellen. Inmiddels is hij al 25 jaar beroeps DJ te noemen en reist de hele wereld over om te draaien op feesten en evenementen en verzorgt hij tevens muziek voor grote namen als Heineken, Jaguar, Tommy Hilfiger en Samsung. Zijn stijl reikt van jazz en lounge tot disco, pop, house en rock. ‘Turn Up The Bass House Party’ staat onder anderen op zijn naam en is in Nederland nog altijd de best verkochte DJ mix CD. Als geen ander weet hij tracks logisch op elkaar aan te laten sluiten en wordt hij daarnaast gekenmerkt door een sterk empathisch vermogen: hij weet wat zijn publiek nodig heeft. Hieronder het interview met deze inspirerende DJ:

 

Bart Thimbles in Barcelona

Bart Thimbles in Barcelona

Hoe ben je erop gekomen om DJ te worden?

‘Ik weet niet beter dan dat ik vanaf mijn zesde altijd met muziek bezig was en er andere mensen ‘mee lastig viel’. Als ik een nummer goed vond wilde ik het delen met anderen. Dan zei ik: ‘Heb je dat al gehoord?’ of ‘Moet je eens luisteren!’ Vroeger draaide ik al op schoolfeestjes, maar wist toen nog niet dat je DJ kon worden voor je beroep. In die tijd was een DJ even belangrijk als een barman en dan veegde je na sluitingstijd de vloer. Dat je een ster kan worden als DJ, daar had ik vroeger alleen van kunnen dromen. Mijn jonge neefje zegt nu dat hij DJ wil worden. Daar kijkt niemand tegenwoordig meer van op, het is een echt beroep.’

Wat heb jij gestudeerd?

‘Ik heb HTS bedrijfskunde gestudeerd om ergens op terug te kunnen vallen. Het DJ vak heb ik puur door eigen ervaringen geleerd. Nu kun je naar een DJ school of cursussen volgen. Vroeger keek je naar je voorbeelden, deed je zelf maar wat en moest je dus ook zelf leren de mensen te vermaken. Ik heb overigens later nog wel een Electronic Music Production diploma gehaald.’

Wie is je grote voorbeeld?

‘Dat varieert per jaar of per vijf jaar. Mensen die mij inspireren zijn mijn voorbeeld. Iemand die voor mij altijd al een voorbeeld is is Ben Liebrand. Hij begon met platen door elkaar te mixen en is een pionier op dat gebied.’

Wat heb je ervoor moeten doen om zo ver te komen als jij?

‘Vooral heel enthousiast en eerlijk blijven. En niet met alle winden meewaaien. Je moet een identiteit hebben die herkenbaar is en blijft. Verder moet je de techniek beheersen en ook heel belangrijk is het om je afspraken na te komen. Je moet jezelf blijven waarmaken en laten zien dat je het geld waard bent.’

bart thimbles ink & drink bew

Bart Thimbles in Amsterdam

Welke eigenschappen moet je bezitten om een DJ zoals jij te worden?

‘Over mij wordt vaak gezegd dat ik een sterk empathisch vermogen heb, dat vind ik erg leuk. Je moet goed invoelen wat er nodig is bij een publiek. Zo moet je niet alle platen erdoorheen willen jassen, maar moet je weten op welk moment je welke plaat moet draaien. Wees heel meegaand, maar toch leidend, zeg maar.’

Hoe weet je dan wat je publiek nodig heeft?

‘Natuurlijk kijk je naar je publiek. Je ziet het wanneer een plaat niet aansluit qua stijl. Dan wordt er minder enthousiast gedanst of gaan de mensen aan de bar staan kletsen. Je moet dan snel overstappen naar iets anders. Dat gaat niet van de hak op de tak, maar dan laat ik de platen elkaar rustig opvolgen.

Daarnaast maak je vooraf je gaat draaien afspraken met de klant. De briefing is heel belangrijk in dit vak. De klant verlangt iets van je en heeft een bepaald thema in gedachten. Er zijn ook verschillende soorten gelegenheden waar ik bij draai, zoals festivals, clubs, grote trouwfeesten, noem maar op. Daar moet ik allemaal op anticiperen. Soms lijkt het net alsof ik alles uit mijn duim heb gezogen, maar in werkelijkheid gaat er een soort ‘wensenpakket’ aan vooraf. Vaak bestaat dat pakket uit zogenaamde ‘musicmoods’. De klant wil een bepaalde sfeer. Hij zegt bijvoorbeeld ‘ik wil het lieflijk voor de meisjes’ of ‘ik wil het niet te snel en ook niet te langzaam’. Met die informatie weet ik wat de klant nodig heeft om die sfeer ook te creëren.’

Welke voordelen biedt jouw beroep?

‘Dat je de wereld ziet! Soms laten mensen mij bijvoorbeeld helemaal naar Thailand overkomen om op hun trouwfeest te draaien. Ik ben er heel dankbaar voor dat ik dit werk mag doen. Dat ik platen achter elkaar mag draaien en kan invoelen wat nodig is om een publiek enthousiast te maken. Dat vind ik super. ‘

Welke nadelen kleven er aan je beroep?

‘Het nachtleven kan een nadeel zijn. Hierdoor, maar ook door het reizen, heb ik vaak een jetlag. Dat is hetzelfde gevoel als dat je bijvoorbeeld een hele nacht bent gaan stappen en de volgende middag nog steeds het gevoel hebt niet helemaal wakker te zijn. Je voelt je verdoofd als het ware en dan kun je niet optimaal functioneren. Daar moet ik heel goed rekening mee houden met mijn werk. Soms kun je onderhuids nog wel weken last hebben van zo’n jetlag.

Daarnaast bestaat mijn leven als DJ uit hollen en stilstaan. Soms heb ik een volle maand met veel optredens, maar heb ik de maand erna maar twee opdrachten. Je hebt dan voor jezelf de verantwoordelijkheid om je verdiensten goed over de maanden uit te smeren om niet in financiële problemen te komen. Ook ben je voortdurend bezig met je administratie en maak je offertes en ben je op bezoek bij potentiële klanten of met anderen aan het e-mailen. Dit alles voelt bijna nog intensiever dan het platen draaien zelf. De uren die ik draai zijn het uitrollen van een plan en dat lijkt vanzelf te gaan. Als er blije mensen op de vloer staan en de klant tevreden is, kan ik intens gelukkig zijn.’

Hoe ziet jouw werkdag eruit?

‘Iedere dag ben ik opzoek naar platen. Dat zijn zowel nieuwe platen als oude platen, die ik dan in een nieuw jasje wil steken. Ik ben mijn collectie dus altijd aan het aanvullen en aanpassen door te downloaden via Beatport of iTunes en deze vervolgens te categoriseren aan de hand van redelijk wat tags. Ik luister altijd goed wat er in een plaat zit en hoe deze is opgebouwd. Welk genre het natuurlijk is maar ook wat voor stem er zit in het nummer, de toonsoort, het energieniveau, de snelheid, jaar van release. Dit gaat nog wel even zo door. Soms maak ik een muziekmix of een zogenaamde muziektrailer, een intro voor openingen of feesten, als een klant daarom vraagt.

Als ik moet optreden dan leef ik ook de hele dag naar dat optreden toe. Soms ben ik er ook wel nerveus voor, want uiteindelijk moet ik in 2 à 3 uur mijn klus klaren. Alvorens een optreden controleer ik al mijn spullen, want soms gaat er bijvoorbeeld wel eens iets mis met het kopiëren van nummers. Ook check ik mijn apparatuur.  Daarnaast moet ik ook mijn reistijd goed uitrekenen want ik kan me niet veroorloven te laat te komen. Zo ben ik eigenlijk ook heel de dag aan het plannen en voorbereiden om vervolgens mijn optreden bijna spontaan te laten verlopen. ‘

Kun je er een goede boterham mee verdienen?

‘Ja, ik krijg goed betaald voor een opdracht. Voor sommigen lijkt het veel wat ik krijg voor een optreden, en eerlijk gezegd mag ik ook niet klagen, maar je moet je ook bedenken dat ik ook aldoor bezig ben met voorbereiden. En dan valt die hoeveelheid wel weer mee. En hoeveel je verdient is ook afhankelijk van de klant. Zo heb ik kleine klantjes die een nieuw ding doen in de Underground scene in Amsterdam, maar heb ik ook grote klanten als Heineken. ‘

DJ Bart Thimbles. foto: Dennis Bouman

DJ Bart Thimbles in het Comedy Theatre in Amsterdam. foto: Dennis Bouman

Heb jij nog ambities in je vak?

‘Zeker. Ik ben nu weer bezig met zelf muziek te maken. Ik houd me bezig met een stijl die er naar mijn idee nog niet of eigenlijk te weinig is. Ik zou zo maar de eerste erin kunnen zijn en dat is natuurlijk wel heel gaaf.  Ook voel ik me uitgedaagd en geïnspireerd door wat er met computers mogelijk is in de studio maar vooral op het podium. De computerprogramma’s kunnen een aantal trucs, bijvoorbeeld fragmenten door elkaar laten draaien. Als je dat zelfde effect zelf wil creëren moet je wel vijf platen tegelijk draaien. De computer inspireert mij dus om niet alleen plaatje na plaatje te draaien. Zo kan ik mijn manier van werken ook veranderen.’

 

Met wie zou jij willen samenwerken?

‘Sting! Dat is echt een droom van mij. Hij is zo’n waanzinnige muzikant! Het lijkt me super om een dans versie van zijn muziek te maken. Wie had je zelf gedacht die ik zou noemen?’

Ik had eerder iemand als Tiësto of Armin van Buuren verwacht.

‘Dat is ook leuk natuurlijk. Maar als ik met Sting zou samenwerken zou ik echt iets nieuws maken. En verrassende combi’s vind ik interessant!’

Waar kunnen we jou binnenkort te bewonderen?

‘Op 17 augustus draai ik op het Decibel Outdoor Festival in Tilburg en op 24 augustus sta ik in Almere op het Zand Festival.’

Om meer over Bart Thimbles te weten te komen kijk je onder anderen hier.

2B Practitioner of Reconnective Healing

Tijdens mijn ‘zoektocht’ naar beroepen voor mijn blog werd ik door mijn moeder gewezen op iemand met een wel heel bijzonder beroep: Anita van Gils is practitioner of Reconnective Healing. Er werd me verteld dat ze een soort ‘dierenfluisteraar’ is, maar tijdens mijn interview met haar kwam ik er achter dat ze toch net even wat anders doet. Door middel van energie brengt Anita mens en dier, met de nadruk op paarden, weer in evenwicht. Door de verkregen balans ontstaat er kracht en komen paarden weer in hun oorspronkelijke welzijn. Ik had er nog nooit van gehoord! Haar interessante verhaal deel ik hieronder met jou:

foto (20)

Anita is practitioner of Reconnective Healing en helpt door middel van energie mens en dier weer in evenwicht te brengen.

Wat is het verschil tussen een dierenfluisteraar en een practitioner of Reconnective Healing?

‘Een dierenfluisteraar communiceert met dieren. Ik werk met energie, met Reconnective Healing. Dat is een nieuwe vorm van energie die de aarde de afgelopen tijden heeft bereikt. Het is te vergelijken met de energiefrequenties van de radio. Zo kan ik ook ‘intunen’ op een bepaalde frequentie. Deze energielaag is hoog in trilling en hiermee werk ik om dieren, maar ook mensen, in balans te brengen.’

Werken met energie… hoe moet ik mij dat dan voorstellen? Wat doe je dan?

‘Ik geef sessies met mensen, katten, honden of paarden, op laatstgenoemde ligt mijn focus. Mensen komen naar mij met hun paard of ik ga naar hen toe en ik werk met de energie om het paard heen. Die energie voel ik. Die pak ik beet met mijn handen, daarmee ga ik lopen werken met mijn handen. Ik stel me af op de energiefrequenties en op het trillingsniveau dat het dier ook heeft. Ik laat de energie van het dier weer aansluiten met de energie om ons heen. Door de energie te laten resoneren ontstaat er balans. Een voorbeeld: als je de radio aan hebt en er staat een druk muziekje op, maar eigenlijk ben je toe aan rust, dan voel je dat dat niet ‘resoneert’ met elkaar. Maar als je dan een rustig muziekje opzet, dan voelt dat als een eenheid. Dat doe ik ook met energie, het in balans brengen. Deze energie kun je niet waarnemen door te zien, proeven of te ruiken, je kan het alleen maar voelen. Die energie voel ik in mijn handen, om mij heen, en daar werk ik mee. Het paard zie je rustig worden: het hoofd gaat naar beneden, de lipjes bewegen en de oren gaan flapperen. Dat zijn allemaal tekens van ontspanning. Dat is het mooie van dieren, zij hebben geen verwachtingen, maar ervaren gewoon.’

foto (15)

Anita met haar paard Euforia.

Dat klinkt behoorlijk spiritueel…

‘Ja, maar wat is spiritueel eigenlijk?’

Dat is zweverig. Niet tastbaar.

‘Het woord spiritueel betekent alleen maar diepgang met jezelf, meer persoonlijke ontwikkeling. En ik denk dat als je persoonlijk ontwikkeld raakt, je meer tot jezelf komt en meer vanuit je eigen ik handelt. Ik vind dat iemand die heel druk in zijn hoofd is en heel veel dingen aan het doen is tegelijkertijd zweverig. Die persoon is niet in het nu aanwezig. Het woord zweverig kun je pas gebruiken op het moment dat je elkaar niet meer verstaat. Dat je een andere ‘taal’ gaat spreken of iets bespreekt dat nieuw is zoals bijvoorbeeld dit onderwerp, het werk dat ik doe. Ik ben de nuchterheid zelve.’

Ja inderdaad…

‘Het is alleen iets nieuws voor jou. Maar deze energie is iets dat de natuur ons biedt en wat je niet kan zien. That’s it. Maar het werkt wel! Ik zie heel veel mooie dingen gebeuren en eerlijk gezegd begrijp ik het ook niet. Maar soms hoef je het niet te begrijpen. Je kunt gewoon voelen. Dat is mijn waarheid. ‘

foto (16)

Anita met haar paard Euforia

Moet je over een bepaalde gave beschikken om jouw werk te kunnen doen?

‘Ik denk dat iedereen die zich bewust wordt van deze energieën dit werk kan doen. Het is alleen een heel proces om daar bewust van te worden omdat we ons erg laten afleiden door wat we zintuiglijk waarnemen of vinden of denken. Iedereen kan het maar je moet er wel toegankelijk voor zijn. Als je je werk en het studeren van alledag even opzij zou kunnen zetten, dan ga je bepaalde trillingen in je lijf waarnemen. ‘

Zijn er opleidingen te volgen om soortgelijk werk te doen?

‘Op energiewerk kun je verschillende opleidingen, cursussen en workshops volgen. Ik heb zelf Reconnective Healing I en II gedaan bij Eric Pearl en aansluitend heb ik nog  Reconnective Healing for animals gestudeerd bij Renee Coltson.’

Is er een goede boterham te verdienen met jouw werk?

‘Dat is afhankelijk van heel veel factoren. Ja, je kan een goedlopende praktijk starten. Als voorbeeld neem ik Eric Pearl. Hij had een hele goede praktijk in fysiotherapie maar in de loop der tijd heeft hij deze veranderd naar een praktijk voor Reconnective Healing. Hij heeft al meer dan 100.000 mensen dit werk geleerd. Er zijn mensen die zich alleen bezig houden met Reconnective Healing maar er zijn e rook die het het naast een andere praktijk doen als fysiotherapie of loopbaanbegeleiding.’

foto (19)

Anita laat zien hoe ze te werk gaat als practitioner of Reconnective Healing.

Welke  eigenschappen moet je bezitten om jouw werk uit te kunnen voeren?

‘Je hoeft hier geen bepaalde eigenschappen voor te hebben. Je hoeft niks te kunnen of te weten, je hoeft er alleen maar te zijn. Be open! Ben er. De energie is de energie. Als je Reconnective Healing doet bij paarden moet je wel kennis hebben van paarden. Ik heb zo allerlei cursussen en workshops hiervoor gedaan.’

Hoe ziet een werkdag voor jou eruit?

‘Ik werk aan huis. ‘s Ochtends verzorg ik mijn paarden en train ik ze. Ik ben dan bezig met mijn hobby. Als ik mijn paarden in de wei gezet heb ga ik me omkleden en mijn honden uitlaten. Dan begin ik met mijn werk. Ik start met de administratie en pleeg telefoontjes en maak afspraken. In de middag heb ik sessies. Ik ga naar mensen toe of ze komen naar mij met hun paard. Mensen komen voor een sessie altijd naar mij toe. Tijdens een sessie laat ik mij leiden door de energie, door wat ik op dat moment voel. Op een gegeven moment voel ik niks meer en dan ben ik klaar. Dat kan een kwartier of een half uur duren.’

foto (18)

Het paard wordt rustig door wat Anita met de energie in haar handen doet: het hoofd van het paard gaat hangen.

Is het paard dan al hersteld?

‘Nee, als dat zou gebeuren zou dat wel heel mooi zijn. Meestal zijn er een tot drie sessies nodig om het evenwicht te herstellen. Afhankelijk van de veranderingen die optreden in de tussenliggende periode maak je de tweede of derde afspraak. Treden er geen veranderingen op, dan kom je voor een volgende afspraak.

Met wat voor soort klachten komen mensen met paarden bij jou?

Mensen komen met paarden die gedragsproblemen hebben, angstig zijn, emotionele problemen hebben(paarden hebben ook emoties!) of die lichamelijke problemen hebben. Deze kunnen veroorzaakt zijn doordat er in eerste instantie niet geluisterd wordt kleine aanwijzingen die het paard heeft gegeven.’

Wat vind je ervan dat soortgelijk werk als jij doet gecommercialiseerd wordt?

‘Bedoel je bijvoorbeeld het programma van Ceasar Milan? Ik vind hem geweldig. Ik ben vorig jaar bij hem in Ahoy geweest. Zijn boodschap is hetzelfde als dat ik nu vertel: kijk, luister en blijf in je energie. Laat jezelf niet uit het veld slaan. Hij zegt heel duidelijk: heb een plan, weet wat je wil en daar gaan we heen. Hou verbinding met de hond, hou contact met de hond.  Ik vind het goed dat er zulke programma’s zijn, maar dan vooral van hem. Omdat hij de goede boodschap geeft aan de wereld. Voor mensen met honden. In het algemeen denk ik dat hij de juiste man is op de juiste plek met de juiste boodschap. Ik denk dat zijn boodschap en zeker zijn intentie is er om ons bewust te maken van hoe we met elkaar omgaan. Dan mag dat van mij commercieel zijn want hoe moet je dat anders aan de man brengen. Het is leerzaam en gaat niet alleen over hoe je met een hond om moet gaan, maar ook met de mensen om je heen.’

Waarom zou je jouw beroep het mooiste beroep kunnen noemen?

‘Omdat ik mijn passie mag leven. Het werken met paarden en mijn liefde voor de paarden kan ik samen voegen met het werken met energie. Ik vind het niet echt een beroep, het is voor mijn geen ‘rol’ die ik speel. Ik ben gewoon zo.

Wat ik daarnaast mooi vind is dat ik in het gevoel van liefde mag leven. Dat klinkt een beetje raar nu ik het zo zeg, maar dat is zo mooi. Het is geweldig dat als je ziet dat door die energie die disbalans weer in evenwicht komt en het dier zich beter voelt. Dat is waarom je het doet. ‘

Welke nadelen kleven er aan jouw beroep?

‘Bij mijn beroep hoort ook mest wegbrengen, voeren en heel de dag plannen. Wanneer krijg ik een klant en wanneer moet ik mijn paarden doen? Je bent afhankelijk van anderen en van weersomstandigheden. ‘

Hoe voelt zo’n energie?

‘Dat is een goede vraag. Je voelt het om je heen. Bij mijn handen voel ik het net iets boven mijn huid. Als je je handen naast elkaar doet dan voel je een tinteling. Ik noem het sensaties. Die energie wordt sterker naarmate je hem uit gaat trekken. Hiermee ga je werken.’

Hoe ben je erop gekomen dit te gaan doen?

‘Omdat ik zelf opnieuw her verbonden moest worden. Ik was zo van mijn pad geraakt door het verlies van mijn man. Om deze traumatische gebeurtenis te verwerken kreeg ik hulp, maar heb ook het boek Heal others, heal yourself van doctor Eric Pearle gelezen. Dat trok mij heel erg en ik voelde heel veel dingen gebeuren terwijl ik het boek las. Toen ben ik me gaan inschrijven voor de workshop en heb deze gevolgd. Vervolgens ben ik zelf het werk gaan doen. Ik vind het helemaal super. Zo heb ik mezelf opnieuw leren kennen en ik ben opnieuw verbonden met mijzelf. Dat heeft mij gered bij wijze van spreken. Ik wil dat heel graag doorgeven aan anderen. ‘

Zou je adviseren dit werk te gaan doen als je net van school komt?

‘Ik denk niet dat je dit honderd procent van de tijd moet doen tenzij je hiervoor op aarde bent gekomen. Je moet je wel ontwikkelen en centjes verdienen. Je kan dat ook doen met dit werk, maar je kunt het beter combineren met ander werk of een andere studie. Ook ben ik van mening dat iedereen het helende proces van bewustzijn van energie tot zich zou moeten nemen.’

Wil je meer weten over wat Anita van Gils doet of vind je het leuk om in contact met haar te komen? Ga dan naar www.anichi.nl

Help, ik twijfel!

Je kunt op het punt komen dat je twijfelt tussen een aantal studies. Waar hou je dan rekening mee? Ga je doen wat het meest zekerheid biedt, ga je voor het geld of kies je iets waar echt je hart ligt? Sabine Alders -du Bosc geeft in het volgende filmpje advies.

Sabine noemt het werkgebied ‘kinderopvang’ waar weinig werk in te vinden is. Om mij heen hoor ik dat veel vakgebieden het moeilijk hebben en mensen niet meer aannemen of ontslaan, ten gevolge van de crisis. Dat is heel jammer en kan ook behoorlijk wat stress opleveren. Zo zat ik twee jaar geleden op het conservatorium en studeerde ik Muziektheater. Ik kan me herinneren dat ik me behoorlijk gek kon laten maken door wat mensen zeiden. Als ik vertelde wat ik deed kreeg ik als reactie: ‘Maar daar is toch helemaal geen werk in te vinden?’ En dan moest ik me weer gaan ‘verdedigen’. Dit zinnetje bleef me achtervolgen en ook door andere opmerkingen op mijn school ging ik twijfelen. Ik moet eerlijk zeggen, dat is behoorlijk stressvol. Mijn les is: laat je niet leiden door wat anderen tegen je zeggen. Want daar wordt alles behalve gelukkig van (tenzij het natuurlijk een goede tip is). Nu studeer ik journalistiek en is het echt niet anders. Weer krijg ik diezelfde vraag. Ik denk dat het nu op vele plekken lastig is een baan te vinden, dus doe gewoon waar je hart ligt. Er zijn wel een paar sectoren waar altijd mensen nodig zijn, bijvoorbeeld in de techniek zoals Sabine zei. Natuurlijk is het verstandig te kijken naar het toekomstperspectief die een bepaalde studie je kan bieden, maar vooral: volg je hart en doe datgene waar jij een kick van krijgt.

Hieronder heb ik nog een aantal links geplaatst naar artikelen met betrekking tot populaire studies en studies die een zeer geringe kans op werk bieden. Maar laat je hierdoor niet je droom afpakken en ga informeren!

Op nrc.nl vond ik twee artikelen met betrekking tot mbo-opleidingen en universitaire-opleidingen.

Op nu.nl vond ik tevens de informatie over de mbo-opleidingen en hbo-opleidingen.

2B militair (luchtmacht)

Tijdens wat research op internet kwam ik een bericht tegen over een onderzoek van begin dit jaar. Het ging over de meest en de minst stressvolle beroepen. Er werd geadviseerd bijvoorbeeld vooral niet bij het leger te gaan als je niet stressbestendig bent. Zo leek het me leuk om iemand te interviewen die als militair heeft gewerkt: Harald van den Braak. Hij is inmiddels politie-agent, maar ruim 12 jaar militair geweest bij de Koninklijke Luchtmacht. Hier heeft hij In deze periode verschillende functies vervuld. Zo heeft hij eerst luchtverkeersleiding gedaan, toen heeft hij nog een tijd onderhoud gedaan van F16 straaljagers, daarna werkte hij kort burger bij defensie. Vervolgens kwam hij terecht bij hetgeen hij echt leuk vond binnen de Koninklijke Luchtmacht. Negen jaar lang heeft hij als onderofficier het onderhoud gedaan van de AH64D Apache helikopters.  Hieronder het interview:

IMG_3127

Harald is bezig met zijn neventaak op Kamp Holland in de Afghaanse provincie Uruzgan: onderhoud van fietsen. Ja, die gebruikten ze daar ook!

Hoe ben je erop gekomen bij de Koninklijke Luchtmacht te gaan werken?

‘Ik was altijd al weg van vliegtuigen. Vroeger ging ik dan ook met mijn vader vaak naar Gilze-Rijen om naar de vliegtuigen te kijken. Ik wilde altijd of iets doen met vliegtuigen of bij de politie. Ik ben toen eerst voor de vliegtuigen gegaan. Na enkele keuringen werd ik aangenomen voor de opleiding.’

Welke opleiding(en) heb jij gevolgd?

‘Ik heb een werktuigbouwkundige opleiding gedaan op de toen nog Middelbare Technische School en heb de specialisatie “luchtvaarttechniek” gevolgd. Dat is een werktuigbouwkundige opleiding met een nadruk op luchtvaarttechniek. Je krijgt dan vakken als bijvoorbeeld vliegtuigconstructies, vliegtuigmotoren en aerodynamica.’

Wat deed jij als onderofficier (sergeant)?

‘Een drietal disciplines zorgen ervoor dat iedere helikopter tip top in orde is:

De wapentechniek, de Avionica en de Vliegtuig-Onderhoudstechniek, oftewel de VO’ers. Bij laatstgenoemde was ik werkzaam. Je bent dan bezig met vliegtuig-brandstofsystemen, vliegtuig-installaties, vliegtuig-motoren, vliegtuig-electronica et cetera. Het is een hele brede functie. Ik zorgde voor het onderhoud van de helikopter en dat hij spik en span klaarstond voor het vliegen. Zo deed ik inspecties aan de helikopters. Alles moest honderd procent netjes in orde zijn. Er mochten geen lekkages zijn of andere technische gebreken. Ik bleef bij de helikopter, totdat de piloot vertrokken was. Als de helikopter terugkwam moest ik deze weer met brandstof vullen en opnieuw een inspectie rondje uitvoeren voor een volgende vlucht of een uitgebreide eindinspectie doen. Sommige klachten aan helikopters verhielp ik zelf, andere stuurde ik door naar een andere afdeling. Voor veel werkzaamheden zette je een handtekening en was ik als techneut verantwoordelijk voor de veiligheid van de helikopter en bemanning. Je begrijpt, een hele verantwoordelijkheid dus.’

P1000148

Harald poseert bij het omliggende gebied van het Kamp Holland.

Jij bent inmiddels politieagent. Waarom ben jij gestopt bij het leger?

‘Voor mijn gevoel had ik alles al beleefd en was ik toe aan nieuwe uitdagingen. Ik heb een hele leuke tijd gehad waarin ik heel veel heb gezien en geleerd. Het was een hele leerzame job vol uitdagingen. Ik had een grote verantwoordelijkheid, want alleen met mijn handtekening mochten die ‘miljoeneneuro-dingen’ de lucht in. Maar ik was toe aan iets anders. Ik wil mezelf blijven ontwikkelen, dat vind ik belangrijk.’

Ben jij in die tijd uitgezonden geweest?

‘Ja, ik ben 3 keer uitgezonden geweest. Ik ben 3 keer naar Afghanistan geweest en een keer een maand naar Koeweit. Maar ik heb in die tijd bij de Koninklijke Luchtmacht veel meer landen gezien. Zo ben ik bijvoorbeeld voor oefeningen ook naar Italië, Polen, Duitsland, Engeland, Denemarken en Tsjechië geweest. Daarnaast heb ik ook in Amerika mijn opleiding gevolgd. Ik heb toen een zeven maanden daar gewoond. Dat was erg leuk.’

Er wordt vaak negatief gedacht over uitzenden van militairen. Jij bent zelf uitgezonden geweest. Hoe denk jij hierover?

‘Iemand die dat mag meemaken, komt er anders uit dan dat hij erin ging. Je verandert. Je krijgt een andere kijk op het leven. Daar ben ik persoonlijk dankbaar voor. Tijdens mijn uitzendingen bleef mijn werk gewoon hetzelfde, alleen de tijden en de frequentie van het werk was anders.’

Zijn het niet enorm gevaarlijk gebieden waar je kwam?

‘Soms kon het wel gevaarlijk zijn ja. Tijdens mijn vredesmissie genaamd ISAF in Kabul in Afghanistan moesten we uitkijken voor raketaanvallen op het kamp en hinderlagen van zelfgemaakte bommen buiten het kamp. In de buurt van het kamp heb ik hier raketaanvallen meegemaakt. Daarnaast lagen er veel mijnen op het vliegveld. In de tijd dat ik er was is er iemand door opgeblazen. Ik heb het gelukkig niet van dichtbij gezien, maar ik zag wel het rookpluimpje. Maar tijdens mijn uitzending ben ik over het algemeen niet erg angstig geweest. Als ik bij de landmacht had gezeten, was ik waarschijnlijk in gevaarlijkere situaties terecht gekomen. Die hadden vaak te maken met de Taliban.’

uitzending tk 2 010

Een Apache op Kamp Holland.

Dat moet wel echt even een andere wereld zijn als je uitgezonden wordt…

‘Ja, je persoonlijke leven verandert totaal. In Kabul leefden wij bijvoorbeeld op een heel klein militair kamp van ongeveer 500 x 500 meter. ’s Avonds na mijn werk kon je niet naar huis uiteraard. Je bleef op het kamp en zat nu eenmaal met elkaar opgescheept. Je leeft in een omgeving waar iedereen met een vuurwapen loopt. Ik kan me goed herinneren toen ik aankwam in Kabul en het vliegtuig uitstapte dat ik het gevoel had in een soort filmwereld terecht te zijn gekomen. Een enorme hitte overviel mij en overal waren mannen met een mitrailleur. Het was een heus oorlogsgebied. Ik maakte daar ook lange dagen en had een werkweek toen van 84 uur. 12 uur werken en 12 uur rust. Het kon zo zijn dat we hele nachten achter onze computers zaten of dat we een hele dienst druk waren met onderhoud of dat er gevlogen werd met de Apache helikopters. Was er niets te doen, dan zorgden we dat we wat te doen hadden. ‘

Er wordt bezuinigd op defensie. Wat vind je daarvan?

‘Dat vind ik een slechte zaak. Defensie zit al lang op de bodem. Daarnaast doet defensie ook heel veel en goed werk. Je kan niet meer bezuinigen. Als ze dat willen doen, kunnen ze de boel beter opdoeken. Nederland heeft niet veel tanks nodig, maar je moet altijd wat achter de hand hebben. Je kan als land niet zonder een leger. Ik vind ook dat ze goed moeten kijken waar ze het geld aan uitbesteden. Zo hebben vliegtuigen of helikopters vind ik een meerwaarde dan bijvoorbeeld tanks.’

Over welke eigenschappen moet je beschikken om het werk te kunnen doen dat jij hebt gedaan?

‘Je moet flexibel zijn en een echte doorzetter. Het is belangrijk dat je kalm bent en overzicht kunt houden. Je moet kritisch zijn en precies, want je hebt een behoorlijk verantwoordelijkheid. Ook moet je in een team kunnen werken, want klussen klaar je samen. Je mag ook wel een beetje eigenwijs zijn, je hoeft het niet altijd eens te zijn. Je moet ook zelfstandig kunnen werken, want je moet ook zelf alles regelen.’

Welke voordelen en nadelen bieden het beroep?

‘Je bent veel weg. Als je alleenstaande bent is dat natuurlijk geen probleem, maar het wordt een ander verhaal als je een gezin hebt. De werkdruk kan ook hoog zijn en daar moet je wel tegen kunnen. Maar als je veel van de wereld wilt zien, zit je daar goed. Ik heb veel gezien, veel dingen die mensen die dit werk niet doen waarschijnlijk nooit zullen zien of meemaken. Ook kan het financieel interessant zijn dit werk, want je wordt goed betaald. Ik heb het erg naar mijn zin gehad bij de Koninklijke Luchtmacht.’

Is het een job die je tot je pensioen kan blijven doen?

‘Ja dat kan gewoon tot je pensioen. Maar waarschijnlijk ga je binnen de organisatie dan wel andere dingen doen en nieuwe uitdagingen zoeken. Zo zou je een stapje hogerop kunnen gaan. Binnen de Koninklijke Luchtmacht zijn veel mogelijkheden om naar een andere functie over te stappen.’

D080822RF1057

Een groepsfoto met een van de Apache helikopters.

Uit het Amerikaanse onderzoek van Careercast.com blijkt dat werken in het leger erg stressvol blijkt te zijn, al dan niet het meest stressvol in vergelijk met andere beroepen. Hoe kijk jij hier tegenaan?

‘Ik denk dat de uitkomsten van de test uit Amerika niet te vergelijken zouden zijn met uitkomsten van een test die je in Nederland zou afleggen. De visie van een Amerikaan is heel anders dan die van een Nederlander. Militair is een stressvol beroep, daar ben ik het wel mee eens. Maar ik denk dat er meerdere stressvolle beroepen zijn, bijvoorbeeld politieagent of medewerker binnen een verkoopdienst. De stressfactor is denk ik daarom zeer relatief en afhankelijk van persoonlijke omstandigheden.’

Heb jij tot slot nog een mooie herinnering dat jou is bijgebleven tijdens je werk als sergeant?

‘Wat me vooral is bijgebleven is de kameraadschap. Je hoort ergens bij en het is gezellig. Je maakt lol met elkaar. Het was een hele mooie en leerzame tijd. Ik heb er een goedgevulde rugzak aan overgehouden die het mogelijk maakte weer iets anders te gaan doen.’

Overweeg jij ook bij de luchtmacht te gaan? Klik dan hier.

De opleiding werktuigbouwkunde kun je op verschillende niveaus volgen. Hier een aantal voorbeelden van scholen:

Op de universiteit, aan de TU Delft

Op hbo niveau, op Hogeschool Arnhem en Nijmegen

Op mbo niveau, ROC van Amsterdam

Voorkom vroegtijdig stoppen met je studie

Sommigen weten al van jongs af aan wat ze worden willen. Dan is de juiste studie kiezen niet zo heel lastig. Anderen weten het helemaal niet, maar beginnen toch een studie die redelijk binnen hun interesses ligt. Maar eenmaal de studie begonnen komen ze erachter dat deze toch niet helemaal bij ze past en besluiten te stoppen. Dat komt helaas behoorlijk vaak voor. Uit cijfers van Dienst Uitvoering Onderwijs(DUO) blijkt dat wel 15 procent van de hbo’ers en 10 procent van de wo’ers voor 1 februari in hun studiejaar stopten met hun studie (klik hier voor artikel). En uit onderzoek van Startmonitor van ResearchNed blijkt dat dit aantal 1 op de 3 studenten is. Helemaal niet zo gek dus, als jou dat ook zou overkomen. Maar waarom blijft dit aantal relatief hoog en hoe kun je voorkomen dat je een studie kiest die niet bij je past? Onze studie –en jobcoach Sabine Alders- du Bosc geeft hieronder het antwoord.

En wil je nog meer tips bij het maken van de juiste studiekeuze? Ik vond deze site die je zou kunnen helpen!

2B automonteur

Hoewel vrouwen zo goed als geëmancipeerd zijn, zie je toch vaak nog een scheiding tussen mannen- en vrouwenberoepen. Het ene beroep wordt alsnog meer uitgevoerd door een man als door een vrouw en andersom, dat blijkt uit gegevens van het CBS. Ook bepaalde studies trekken meer vrouwen dan mannen en andersom en weerspiegelt een bepaalde mannen- en vrouwencultuur. Zo zitten er in de techniek en bouw bijvoorbeeld meer mannen en in de verzorging en administratie meer vrouwen. Ik vind dit gegeven interessant en zo kwam ik erop Lesley de Lyster van garage Ames uit ‘s Gravendeel te interviewen. Zij is automonteur. En dat hoor je ook niet vaak!

foto (11)

Lesley staat klaar om jouw auto te repareren bij garage Ames in ‘s-Gravendeel.

 Je hoort niet veel dat vrouwen automonteur zijn….

‘Nee dat klopt. Het is echt een mannencultuur.’

 Wat vind je daarvan?

‘Ik heb daar persoonlijk geen last van. Als de mannen op mijn werk bepaalde opmerkingen maken, moet je daar gewoon niet over nadenken en denken: laat ze maar lullen. Ooit solliciteerde ik een keer bij een ander bedrijf en die zeiden ‘ik moet geen wijf’. Maar als je dit werk gewoon graag wil doen, laat je dan niet aan de kant zetten.’

Waarom denk je dat de automonteur-wereld nog steeds weinig vrouwen heeft?

‘Ik denk dat velen zich laten tegenhouden door de ideeën van vaders en moeders en vrienden. Die kunnen vinden dat het geen vrouwenberoep is.’

Hoe ben jij erop gekomen om automonteur te worden?

Ik heb op de land- en tuinbouw school gezeten. Daar werd ook autotechniek gegeven. Het trok me niet echt om met ‘bloemetjes’ te werken. Zodoende ben ik erop gekomen om dit werk te gaan doen.’

Wat trok je aan de autotechniek kant?

‘Eigenlijk heb ik geen idee. Ik heb niet speciaal een passie voor auto’s. En heel eerlijk gezegd interesseert me het geen fluit, die auto’s.’

foto (9)Dat is wel apart! Je vind toch wel iets leuk aan je werk lijkt mij?

‘Ja, ik vind het leuk om dingen die kapot zijn te repareren. Zodat je bijvoorbeeld bij een auto geen gesputter of andere rare geluiden meer hoort. Ik krijg er wel een kick van als iemand wegrijdt in de auto die jij hebt gemaakt. Verder ben ik bezig met techniek en werk in een goede sfeer. Ik heb leuke collega’s.’

Elk werk heeft ook zo z’n minder leuke kanten. Wat zijn die van automonteur?

‘Ik kan niet echt wat bedenken. Ja, je wordt er vies van! Je handen vooral. Je kan helemaal onder zwart vet komen als de hoes van een aandrijfas losschiet bijvoorbeeld.  En als het druk is kan het stressvol zijn. Maar eerlijk gezegd heb ik daar geen last van.’

Over welke eigenschappen moet je beschikken om automonteur te worden?

‘Je moet een technisch inzicht hebben. Daarnaast moet je ook niet bang zijn om vies te worden natuurlijk. Je moet klantgericht zijn, dus je moet ook wel zekere sociale vaardigheden hebben. Ook moet je zin hebben om cursussen te volgen, want je moet blijven leren. Het gaat hard tegenwoordig met de technische ontwikkelingen. Dus je moet je wel bij blijven scholen.’

foto (10)Kun je een goede boterham verdienen met jouw werk?

‘Nou, je verdient geen ‘directeur-boterham’ zeg maar. Je kan er gewoon van leven. Maar als je echt grof geld wil verdienen, dan moet je wat anders gaan doen.’

 Hoe ziet een gemiddelde werkdag als automonteur eruit?

‘Om 8 uur begin ik. Vaak geef ik de auto’s een onderhoudsbeurt of keur ik ze. Soms moet ik banden vervangen of uitlaten of koppelingen nakijken of vervangen. Dat is best variërend. Ik werk tot half 5, dus dat zijn 8 uurtjes per dag.’

Hoe is de sfeer op het werk als automonteur?

‘Wat ik al zei is de sfeer hier goed. We helpen elkaar, maken af en toe een geintje. Het is leuk hier. Er is geen haat en nijd op het werk. En ja, er is veel mannenpraat. Maar daar heb ik geen problemen mee.’

Weetjes

In 2005 stond dit beroep op nummer drie van de top tien mannenberoepen en het werd nauwelijks door vrouwen uitgevoerd. Dat blijkt uit gegevens van het CBS. Inmiddels is het beroep uit de top tien verdwenen. En wist je dat er eind jaren ’80 en begin jaren ’90 zelfs campagnes werden gevoerd om vrouwen in de technische beroepen te krijgen? Een slogan luidde: ‘Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid.’ 

Tijdens wat research op internet kwam ik tevens dit artikel tegen over mannen- en vrouwenberoepen. 

En dit filmpje waarin professor sociologie Dimitri Mortelmans aan het woord is. Volgens hem komen er langzamerhand meer vrouwen terecht in mannenberoepen. 

Natuurlijk zijn er veel scholen die opleiden tot automonteur. Hier een voorbeeld.

Studiekeuze-tips van de dag, voor als je het echt niet weet

In de afgelopen twee weken heb ik interviews gehad met mensen uit verschillende beroepenvelden. Een kapster, een politie-agent, een houthakker, een onderneemster en een loopbaancoach. Allen hebben ze jou en mij laten zien wat er komt kijken bij een specifiek beroep. Natuurlijk zijn dit persoonlijke ervaringen en die kunnen per persoon verschillend zijn. Toch geven ze naar mijn idee meer inzicht in een bepaald beroep. Elk beroep heeft zo zijn leuke en minder leuke onderdelen. Zo is een politieagent niet alleen maar stoere dingen aan het doen, maar moet hij ook veel wachten totdat er wat gebeurd of moet hij dingen doen waarvoor hij liever weg zou rennen, heb je als onderneemster veel verantwoordelijkheid om je zaak draaiende te houden en is het beroep houthakker soms toch wel gevaarlijk te noemen. Daarnaast zie je dat de crisis bij een aantal beroepen wel z’n tol eist. Zo wordt er bijvoorbeeld bezuinigd bij de politie. Maar juist door de crisis is bijvoorbeeld onderneemster Patty Somford haar eigen zaak begonnen omdat ze geen werk meer kon vinden in haar eigen sector.

Crisis of geen crisis, werken moeten en willen we uiteindelijk allemaal. En daarvoor moeten we studeren. Maar het vinden van de juiste studie is soms lastig en daarom vroeg ik mijn moeder Sabine Alders-du Bosc, loopbaancoach, in onderstaand interview voor jullie een aantal tips voor als je echt niet weet wat je moet gaan studeren. Ik hoop dat je er wat aan hebt!

2B politieagent

De politie krijgt geregeld kritiek over zich heen: in het nieuws, maar ook door burgers. De politie wordt vaak gezien als vervelende mensen die alleen maar bekeuringen en boetes uitdelen of achter boeven aanzitten. Maar een politieagent doet meer dan dat, vertelt agent Frederik in het interview hieronder. Hij is agent in opleiding en over een jaar volwaardig agent te noemen. 

 Waarom ben je gaan studeren voor agent?

IMG_20130305_160717

‘ Agent Frederik staat klaar om op pad te gaan.

‘Van jongs af aan wilde ik dat altijd al worden. Het was er alleen nooit van gekomen. Toch bleef het kriebelen en ben de opleiding gaan doen. Ik was op zoek naar een beetje spanning en avontuur.’

En spanning en avontuur biedt jouw job wel?

‘Ja, zo nu en dan. Het is niet altijd spannend. Maar er zijn zeker wel situaties die spannend zijn. Bijvoorbeeld een vechtpartij van zo’n vijftien man, waar je met z’n tweeën op af moet stappen. Of als je iemand aan de kant moet zetten die vuurwapengevaarlijk schijnt te zijn.’

In politieseries ziet de job er vaak ook heel stoer en spannend uit. Is het net zoals in de serie?

‘Het hangt van de serie af, maar veelal is het wel aangedikt. Het hangt er natuurlijk ook vanaf waar je dienst hebt, want een drukke stad als Rotterdam daar gebeurt wel veel meer dan op het platteland. Over het algemeen gebeurt er elke dienst wel iets bijzonders. Maar in een serie zie je een half uur lang spannende dingen gebeuren, dat gebeurt bij ons in een week tijd bij wijze van spreken. Je moet namelijk ook veel wachten totdat er wat gebeurt.’

Welke voordelen biedt het beroep?

‘Als je van spanning en sensatie houdt, dan is dit beroep misschien wat voor jou. Je wordt gepusht naar je eigen grenzen. Het is afwisselend en je weet nooit van tevoren wat een dag gaat brengen.’

Welke nadelen kleven er aan je beroep?

‘Soms krijg je dingen te zien die je liever niet zou willen zien of moet je dingen doen die je liever zou laten. Je komt geregeld in situaties waar je normaal gesproken voor op de vlucht zou slaan, maar je moet er naartoe. Je kan ook op je bek getimmerd worden of worden beschoten. Dat moet je je goed realiseren. Als je daar niet tegen kan, dan kun je beter postbode worden.’

 

Welke eigenschappen moet je in huis hebben om jouw job uit te kunnen voeren?

‘Je moet geduldig zijn, stevig in je schoenen staan en goed kunnen schakelen van het ene naar het andere moment. De ene keer moet je iets rustig afhandelen, de andere keer moet je vol gas gaan. Daarnaast moet je ook sociaal vaardig zijn. Je moet met verschillende mensen om kunnen gaan. Je moet ook niet overal met de botte bijl gaan hakken en jezelf beter voelen dan de rest.’

Wat vind jij het mooiste aan je beroep?

 ‘De afwisseling vind ik het leukst. Je wordt gedwongen te improviseren in situaties, want je weet niet altijd wat er gaat gebeuren.’

Hoe ziet een gemiddelde werkdag voor jou eruit?

‘Je hebt verschillende soorten diensten: dagdiensten, late diensten, avonddiensten en nachtdiensten. Als ik een doorsnee werkdag pak ziet die er als volgt uit:

Eerst ga ik naar het bureau om me om te kleden en om mijn spullen te controleren zoals mijn wapens en portofoon. Dan meld ik me bij de meldkamer en krijg ik een briefing. Hier krijg je te horen of er bijzondere ontwikkelingen zijn of dat er aandachtspunten of personen zijn waar je goed op moet letten en vertellen ze wat je moet doen. Vervolgens ga je de straat op en kan je meldingen krijgen waar je dan op af moet. De dag sluit je wederom af met een briefing waar de dag wordt doorgesproken.’

Kun je er een goede boterham mee verdienen?

‘Ik vind het tegenvallen. Het is een overheidsbaan, en zoals bij de meeste daarvan is het salaris niet heel hoog, maar het kan slechter. Ik vind het geen vette bek als je ziet wat je ervoor moet doen. Met nachtdiensten krijg je wel iets meer betaald.’

Is er veel werk te vinden in de politiesector?

‘Ze hebben wel mensen nodig maar mogen er maar weinig aannemen want de overheid bezuinigt ook op politie.’

 

Heb jij nog ambities in je vak?

‘Ja, na deze opleiding zou ik graag een vervolgopleiding doen, zodat ik een hogere functie kan bekleden. Ik zou wel op straat verder willen maar ik zit liever bij een eenheid die ook internationale verbanden heeft. Zo kan ik ook mijn Engelse kennis inzetten, want hiervoor heb ik Engels gestudeerd.

Het leuke bij de politie is dat je zoveel verschillende functies hebt, je kan bij wijze van spreken iedere vijf jaar wel iets anders gaan doen.’

Voor mijn gevoel kunnen landen als Amerika sneller hun wapen gebruiken. In hoeverre verschilt het wapengebruik in Nederland met dat van Amerika?

‘In Amerika richten ze eerder op iemand een vuurwapen, omdat veel burgers een wapen in hun bezit hebben. Het geldt zo: als er een zware indicatie is dat iemand een vuurwapen bezit, dan mag je erop richten. Dat gebeurt net als in Amerika bijna dagelijks, alleen in verhouding gebeurt het vaker in Amerika. Grappig om te weten is dat ze in Engeland helemaal geen wapen bezitten en gewoon kunnen functioneren. Als de politie een vuurwapen nodig heeft worden er speciale eenheden opgeroepen.’

Ik hoor in mijn omgeving wel eens dat mensen vinden dat de politie wel strenger op mag treden. Ben jij het ermee eens?

‘Ik ben daar niet echt voor. De politie heeft al best veel bevoegdheden, ook met betrekking tot geweld. Nederland is gelukkig ook geen land waarin het nodig is om meer bevoegdheden aan de politie toe te kennen. Als hier net als in Amerika wapenbezit toegestaan zou zijn, dan zouden we wel protocollen moeten aanpassen denk ik.’

De politie komt soms ook negatief in het nieuws. Hoe sta jij daar tegenover?

‘Ik vind het goed dat mensen kritisch zijn want zo blijf je als organisatie ook scherp. Als de kritiek gegrond is kun je er wat aan doen. Wanneer deze niet gegrond is kun je uitleggen waarom er op een bepaalde manier is gehandeld. Het is belangrijk dat de politie dat doet, dan is er niks aan de hand. Er moet naar de mensen geluisterd worden.’

Heb je nog een mooie ervaring uit je beroep als agent?

‘Ja. Mensen denken vaak dat de politie alleen maar onterechte bekeuringen geeft of boetes uitdeelt. Maar de politie doet meer! De politie verleend bijstand aan de ambulance en brandweer en is soms zelfs sneller ter plekke dan deze twee laatstgenoemden. Zo was er een keer een meneer van de trap gevallen. Deze man lag al een dag op de grond en lag in zijn eigen poep en plas. De man moest opgetild zodat de dokter zijn werk kon doen. Het ambulance- en brandweerpersoneel kwamen hier niet voor, dus heb ik hem opgetild. Het is fijn om iemand te helpen. Dat is een mooie bij functie van politieagent zijn: je schrijft niet alleen bonnen uit en vangt boeven, maar helpt ook echt mensen.’

Wil jij misschien ook bij de politie? kijk dan hier

2B Houthakker

Als ik aan een houthakker denk dan zie ik een beetje een sprookjesfiguur voor me. Zo’n grove man met een dikke grijze baard, een bruine tuinbroek en een grote gevaarlijke bijl in zijn handen. Het tegendeel bleek waar te zijn toen ik Bram Haartsen interviewde over zijn beroep als houthakker(23). Hij liet mij als natuurliefhebber tevens zien dat hij met bomen kappen juist het bos een handje helpt. Zie hier het interview:

Bram werkt als houthakker op recreatiepark 't Zand in Brabant.

Bram werkt als houthakker op recreatiepark ‘t Zand in Brabant.

Waarom ben jij houthakker geworden?

‘Ik hou ervan om buiten bezig te zijn. Daarnaast is het zwaar lichamelijk werk en dat trekt mij ook. Ik hou er niet van om op kantoor te zitten.’

 Wat trekt je aan het beroep?

‘Van bomen omzagen krijg ik een kick. Daarnaast kom ik op plekken waar je niet gauw komt. Daar is rust, je hebt niemand om je heen. Het uitzicht en de dieren om je heen (vogels en reeën) vind ik super.’

Dat klinkt niet als een stressvol beroep?

‘Nou, soms wel hoor. Je hebt een bepaalde hoeveelheid bomen die je op een dag moet zagen. Dat zijn er soms wel 250-300.’

Een boom omzagen, daar komt vast wel meer bij kijken dan gewoon de kettingzaag aanzetten en zagen maar…

Bram is er klaar voor.

Bram is er klaar voor.

‘Ja, eerst heb je een flora-fauna check. Dan kijk je bijvoorbeeld of er geen vogels of nesten zitten van vogels of mieren, of dat er bijvoorbeeld  bedreigde dieren in of om de boom heen leven. Als dat is gedaan ga je de risico’s bekijken van het omzagen van de boom: Is het dood hout, zitten er takken in de weg, en naar welke kant hangt een boom? Je wilt natuurlijk de struiken die eromheen zitten zo min mogelijk beschadigen. En als er dieren in een boom zitten dan laat je de boom staan. We zitten nu bijvoorbeeld in het broedseizoen en dan mag er niet gekapt worden.’

Wat gebeurt er met het gekapte hout?

‘Ik kap voor productiehout en voor recreatie. Productiehout is recht stamhout. Dat wordt gebruikt  voor balken, huizen en tafels. Recreatiehout gaat om ‘de belevenis’. Bijvoorbeeld een mooie eik met een bijzondere vorm.

Maar ik kap ook bomen als ze in de weg staan en een gevaar vormen voor bijvoorbeeld wandelaars.’

Ik hoor dat niet veel, dat mensen houthakker zijn. Is het een uitstervend beroep?

‘Nou, er zitten nog aardig wat jongens op school. Het wordt wel minder, maar ik zou niet spreken van een uitstervend beroep.’

Naar welke school ga je om houthakker te worden?

‘Je volgt de opleiding Bos en Natuurbeheer of Veldmedewerker. In Apeldoorn kun je dat bijvoorbeeld doen bij de school Helicon. Ze hebben de opleiding op mbo niveau 1,2, 3 en sinds kort ook niveau 4. Daarnaast kun je ook een dergelijke opleiding volgen op hbo niveau en die zit in Velp, Arnhem. Mijn opleiding duurde vier jaar. Van de vier jaar zit je er dan twee op school, en tijdens de andere twee jaren loop je stage: vijf weken heb je stage, dan ga je weer een week naar school. Zo wisselt dat elkaar af. Dat heet werkend leren.’

Welke voordelen biedt het beroep?

‘Eigenlijk de dingen die ik net al noemde: je bent buiten, weer of geen weer. En je bent fysiek bezig.’

Welke nadelen kleven er aan het beroep?

foto (7)

Een weduwemaker

‘Je doet lichamelijk zwaar werk dus de kans is groter dat je lichaam eerder versleten is. Als houthakker doe je ook veel gevaarlijk werk, bijvoorbeeld bosmaaien. Je hebt dan kans dat dingen wegschieten. Of vallend hout, de zogenaamde weduwemakers. Natuurlijk heb je wel een uitrusting aan (helm, pak etc.) maar het blijft gevaarlijk.’

Weetje: vallend hout heet weduwemakers omdat het dode hout op iemand kan vallen. Dat kan de dood tot gevolg hebben. Als hij op een man of vrouw valt is zijn partner weduwe.

Kun je een goede boterham verdienen met het beroep?

‘Ja, ik kan er alles van betalen. Het is geen topsalaris, maar ik kan er zeker mee rondkomen.’

 

Welke eigenschappen moet je bezitten om houthakker te worden?

‘Je moet ten eerste een liefde hebben voor de natuur. Je moet een ruimtelijk inzicht hebben. Daarnaast moet je ook over vakkennis beschikken, maar dat leer je wel op school. Verder moet je lichamelijk sterk zijn.’

Hou ziet een gemiddelde werkdag als houthakker voor jou eruit?

foto (14)

Houthakker: geen ongevaarlijk beroep.

‘Ik neem dan een gemiddelde werkdag in de winter. Dan ben ik bezig met het onderhoud van de camping (in het bos) waar ik werk. Eerst zorg je ervoor dat je je kettingzaag gereed maakt. Door te vijlen of te slijpen bijvoorbeeld maak je hem scherp. Dan zorg je ervoor dat je jezelf klaar maakt om aan de slag te gaan: zaagbroek, helm, handschoenen en zaagschoenen doe ik aan. Vervolgens ga je naar de zaag plek toe en daar gebeurt het. Soms doen we dat met een hoogwerker, maar die reikt niet verder dan 12 meter. Zo wil het ook wel eens voorkomen dat ik in bomen moet klimmen. Maar er komt meer bij kijken dan alleen het omzagen van bomen. Zo moet ik bijvoorbeeld laaghangende takken die overlast bezorgen of dood hout weghalen. En wanneer een boom is omgezaagd, moet je het takken hout ook nog versnipperen. Boomstammen moeten op elkaar gestapeld.

Als houthakker heb je gevarieerde werkdagen, maar werk je gemiddeld wel zo’n acht uur.’

Heb je nog ambities om hogerop te komen?

‘Ik kan eventueel een opleiding volgen om hogerop te komen, maar dat wil ik niet. Ik zou wel nog een aantal cursussen willen volgen die van belang zijn en bepaalde rijbewijzen halen. Nu wil ik gewoon werkervaring opdoen. Ik zou mezelf op den duur wel willen opwerken naar een ploegbaas. Dat is een soort leidinggevende maar die het werk ook ‘mee doet’.’

 

Over de hele wereld worden er bossen en regenwouden (illegaal) gekapt. Dat zorgt voor een bedreiging van natuur en dier. Wat is jouw mening hierover?

‘Ik vind dat alleen bossen gekapt mogen worden als het op een verantwoorde wijze gebeurd. Er moet stuk voor stuk gekapt worden, zodat het weer bos weer kan groeien. Als ik een boom kap, zet ik er een stuk of drie kleine boompjes voor terug en ik kap pas een boom als er geen dieren inzitten.’

 

Er zijn genoeg mensen, met name milieuactivisten, die het kappen van bomen zien als een bedreiging.  Hoe kijkt men gemiddeld gezien aan tegen je beroep?

‘Sommigen zijn het er niet mee eens als ik bomen ga kappen en komen dan soms boos op me afgestapt. Maar dan leg ik uit waar het voor is. Dan zeg ik: denk aan de toekomst. Ik haal de oude bomen weg, zodat ik jonge bomen een kans kan geven. Dat helpt vaak wel.’

Heb je nog een leuke anekdote?

‘Ik was aan het klimmen op zo’n 10 a 15 meter hoogte. Even verderop zag ik een lantaarnpaal. Een vrouw in een auto reed achteruit terwijl ze de hele tijd naar me zat te kijken, toen ik daar heel hoog in de boom zat. Bam! Ze knalde keihard tegen de paal aan. Lachen dat ik deed!’

 

Advertisements